
Zoete woorden
“Dit is mijn man. Ik praat nog graag tegen hem.” Liefkozend legde ze de hand op de urn die op het dressoir naast haar stond. Mevrouw was vorige maand vijfentachtig jaar geworden en hoewel ze voor haar doen nog vief was, vond ze het een goed moment om haar uitvaartwensen te bespreken. “Als het mijn tijd is, wil ik dat mijn as wordt verstrooid samen met de as van mijn man. Het liefst ergens aan de Moezel, daar kwamen we zo graag om zoete witte wijn in te kopen…” Ik noteerde de wensen terwijl mijn thee nog eens werd bijgeschonken (“Want een glaasje wit was nu niet gepast, toch meisje?”). Op mijn vraag wie de uitvaart zal gaan regelen als het zover is, reageerde ze resoluut: “Och meis dat mag jij doen. Ik ken verder niemand meer…” Ai. Lastig punt.. ik probeerde haar uit te leggen dat ik geen nabestaande ben en een uitvaart alleen kan verzorgen in opdracht… “Dat weet ik meisje”, onderbrak ze me. “Ook dat is geregeld”. Ze schoof me een folder toe van de notaris bij wie ze geïnformeerd had naar de rol van een uitvaartexecuteur. En zo zou ze het willen regelen, gaf ze aan. “Ik mag dan wel oud zijn, maar nog steeds bij de tijd” voegde ze hier met een gulle glimlach aan toe. Enige weken later kreeg ik een mail doorgestuurd van mevrouw, afkomstig van haar notaris: alles was geregeld. Als het haar tijd is, weet ik wat me te doen staat. Ik zal haar wensen met eerbied uitvoeren en met een glimlach, denkende aan onze ontmoeting. Over dat reisje naar de Moezel moet ik nog even denken. Laat ik maar beginnen met zoete wijn leren drinken.


